Slim met geld, vrij in het leven
Je bent hier: HomeVrij levenWaarom 'vrij' voor mij niet hetzelfde is als 'rijk'
Vrij leven

Waarom 'vrij' voor mij niet hetzelfde is als 'rijk'

Geplaatst op 15 september 2025 · door Suzanne van Duijn · 2 min leestijd
Waarom 'vrij' voor mij niet hetzelfde is als 'rijk'

Mijn vader heeft zesendertig jaar bij dezelfde werkgever gewerkt. Toen hij met pensioen ging, vroeg ik hem of hij het leuk had gevonden. Hij dacht een tijdje na en zei: "Vanaf een jaar of vijftig niet meer echt. Maar toen kon ik niet meer weg."

Ik heb hem gevraagd wat hij bedoelde met "niet meer weg kunnen". Hij verdiende goed. Het huis was bijna afbetaald. Wat hield hem tegen?

Het antwoord was: alles. Een leaseauto die bij het pakket hoorde. Een pensioenregeling waarvan hij dacht dat hij die zou verspelen. Een levensstijl die precies bij zijn salaris paste, en dus bij precies dat salaris hoorde. Hij was niet arm. Hij was vastgelopen op een niveau.

Het getal dat er echt toe doet

Sinds dat gesprek kijk ik anders naar mijn eigen financiën. Ik heb jarenlang gedacht dat vrijheid een kwestie was van het bedrag rechts op mijn afschrift — hoeveel er binnenkomt. Inmiddels denk ik dat het het bedrag links is: hoeveel er sowieso af gaat.

Bij mij is dat nu 1.225 euro per maand. Dat is het bedrag dat ik moet verdienen om te blijven bestaan zoals ik nu besta. Elke euro daaronder is ruimte: ruimte om een opdracht te weigeren, om een maand ziek te zijn, om iets te proberen dat misschien niet lukt.

Toen dat bedrag nog 1.412 was, had ik minder ruimte. Niet omdat ik minder verdiende — ik verdiende hetzelfde.

Waarom meer verdienen niet automatisch helpt

Er zit een adder onder het gras die bijna iedereen treft: als je meer gaat verdienen, ga je meer uitgeven. Een groter huis, een duurdere auto, een abonnement erbij. Je hebt na een jaar precies evenveel ruimte als daarvoor, alleen op een hoger niveau. En je hebt inmiddels wel verplichtingen die bij dat hogere niveau horen.

Mijn vader had geen geldprobleem. Hij had een vaste-lastenprobleem, en dat is iets anders. Je kunt het alleen niet zien als je alleen naar je inkomen kijkt.

Wat ik ermee doe

Twee dingen, en die zijn allebei saai:

  • Ik houd één keer per jaar mijn vaste-lastencheck. Niet om zo goedkoop mogelijk te leven, maar om te weten hoe hoog mijn drempel is.
  • Als mijn inkomen stijgt, verhoog ik eerst mijn buffer en pas daarna mijn uitgaven. Meestal blijkt dat ik die uitgaven daarna niet meer nodig heb.

Waar ik geen zin in heb

Voor de duidelijkheid, want dit soort stukken slaat snel door: ik ben geen minimalist en ik heb geen doel om "financieel onafhankelijk" te worden en op mijn veertigste te stoppen met werken. Ik werk graag. Ik ga uit eten, ik ga op vakantie, ik heb een goede matras gekocht.

Het gaat me om iets kleiners. Ik wil niet dat de vraag "wil ik dit nog?" ooit botst met de vraag "kan ik dit missen?". Dat is de hele ambitie.

Mijn vader is trouwens de gelukkigste gepensioneerde die ik ken. Hij vist, hij tuiniert en hij belt mij op dinsdagochtend om elf uur omdat hij dat kan. Maar hij zegt er zelf bij dat hij die laatste tien jaar liever anders had gedaan.

xo, Suzanne
S
Suzanne van Duijn
Suzanne (38) woont in Utrecht, werkt als zelfstandig tekstschrijver en houdt sinds 2025 bij wat er met haar geld gebeurt. Ze schrijft over vaste lasten, budget en het opbouwen van een leven dat niet van één opdrachtgever afhangt.
Geplaatst in Vrij leven

Reacties zijn gesloten.

Gerelateerde berichten